Curaçao breidt justitiële samenwerking met Verenigde Staten uit
In dit artikel:
De Raad van Ministers heeft ingestemd met het opstarten van de procedure om bestaande verdragen over wederzijdse rechtshulp in strafzaken met de Verenigde Staten ook op Curaçao van toepassing te verklaren. Met dit besluit breidt het eiland zijn formele internationale justitiële samenwerking uit.
Het gaat om twee bestaande instrumenten: de overeenkomst tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten over wederzijdse rechtshulp en het verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten. Deze akkoorden gelden al voor andere delen van het Koninkrijk; nu worden ze ook expliciet doorgetrokken naar Curaçao.
Wederzijdse rechtshulp maakt het mogelijk dat justitiële autoriteiten informatie en bewijs uitwisselen, getuigen laten horen en samenwerken bij onderzoek naar grensoverschrijdende criminaliteit zoals drugs- en mensenhandel, witwassen en fraude. Door deze regels officieel toepasbaar te maken, moeten onderzoeken die internationale schakels hebben efficiënter en beter gecoördineerd kunnen verlopen.
De ministerraad heeft het Ministerie van Justitie aangewezen als uitvoerende instantie; de minister van Justitie wordt de bevoegde autoriteit die namens Curaçao met buitenlandse justitiële partners optreedt. De regering verwacht dat de uitbreiding de positie van Curaçao in internationale strafrechtelijke samenwerking versterkt en bijdraagt aan een effectiever optreden tegen misdrijven met internationale vertakkingen.