Nederland beperkt gezamenlijke anti-drugsoperaties met VS buiten eigen wateren

dinsdag, 6 januari 2026 (15:49) - Curacao.nu

In dit artikel:

Tijdens zijn bezoek aan Aruba kondigde defensieminister Ruben Brekelmans aan dat Nederland de deelname aan Amerikaanse maritieme drugoperaties voorlopig sterk terugschroeft. Nederland beperkt zich voortaan tot opsporing en interventie binnen zijn eigen territoriale wateren rond de ABC‑eilanden en doet niet mee aan de door de VS geleide operatie Southern Spear op internationale wateren. Dat Amerikaanse initiatief zet nadrukkelijk militaire middelen in — inclusief het met geweld uitschakelen van verdachte schepen — iets waar Nederland niet aan wil meewerken en waarvoor het geen faciliteiten of materieel levert.

De stap is een reactie op een duidelijke koerswijziging in Washington: het nieuwe Amerikaanse veiligheidsbeleid verschuift van louter justitiële handhaving naar gerichte militaire actie tegen drugskartels, met indien nodig dodelijk geweld. Die aanpak botst met de Nederlandse zienswijze dat drugsbestrijding primair een taak van opsporing, arrestatie en vervolging is en binnen duidelijke juridische kaders moet blijven.

Historisch werkte Nederland wel samen met de VS en anderen bij operaties op internationale wateren, onder meer via Joint Interagency Task Force South, waarbij marineschepen, patrouillevliegtuigen en inlichtingen bijdragen leverden. Formeel blijft multilaterale samenwerking bestaan, maar Defensie maakt nu expliciet onderscheid tussen die structuren en Southern Spear. Het stationsschip in het Caribisch gebied patrouilleert sinds kort vaker voor veiligheidsmonitoring en is niet meer ingezet voor counterdrugsoperaties op internationale wateren, zo meldde Brekelmans.

Voor Aruba, Curaçao en Bonaire betekent de nieuwe koers dat toezicht, monitoring en eigen handhaving binnen territoriale wateren centraal blijven staan; de Kustwacht Caribisch Gebied blijft de lead, met maritieme en luchtsteun van de marine waar nodig. Brekelmans benadrukte dat het dagelijkse leven op de eilanden doorloopt en dat er geen aanleiding is voor extra militaire inzet, maar dat Nederland de regio nauwlettend blijft volgen.

De beslissing past in een bredere terughoudendheid onder westerse partners. Meerdere bondgenoten herzien hun samenwerking en informatie‑uitwisseling met de VS uit vrees dat gedeelde data kunnen bijdragen aan militaire acties die mogelijk in strijd zijn met internationaal recht en mensenrechten. Binnen de EU is afgesproken geen gegevens te delen die kunnen leiden tot dodelijke acties op zee; ook Canada, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk hebben vergelijkbare beperkingen aangebracht of afstand genomen van buitenjuridische militaire operaties. Defensie benadrukt dat dit geen formele taakwijziging is, maar een herprioritering om stabiliteit en verdediging van het Koninkrijk te waarborgen.